Rondsnoeren worden op lengte geëxtrudeerd en hebben een ronde dwarsdoorsnede (zoals een O-ring)
Na inbouw en samenpersing in de inbouwruimte bereikt het rondsnoer zijn dichtfunctie door de vervorming van de dwarsdoorsnede
In bedrijf versterkt de mediumdruk de dichtfunctie
Materialen:
NBR, NB 70
FKM, FP 75
EPDM (peroxide gevulkaniseerd), EP 70
VMQ, SI 60
Kleuren:
NBR 70, zwart
FKM 75, zwart
EPDM 70, zwart
VMQ 60, roodbruin
Toleranties:
NBR, ISO 3302-1 E1
FKM, ISO 3302-1 E1
EPDM, ISO 3302-1 E1
VMQ, ISO 3302-1 E2
Bedrijfsparameters:
Temperatuur NBR: -30 °C tot +100 °C
Temperatuur FKM: -15 °C tot +200 °C
Temperatuur EPDM 70: -55 °C tot +150 °C
Temperatuur VMQ 60: -55 °C tot +200 °C
Toepassingsgebieden:
Rondsnoeren dienen meestal als basismateriaal voor rondsnoerringen en zijn in het gebruik vergelijkbaar met een O-ring
Toepassing vindt plaats als statische dichting, bijv. voor de afdichting van grotere buisverbindingen en als dekselafdichting in de reservoirbouw
Rondsnoeren worden vaak gebruikt voor reparaties ter plekke en worden daar 'op maat' samengesteld
Het verbinden van de einden van de rondsnoerring kan gebeuren door cyaanacrylaat- of 2-componentenlijm, al naargelang het doel van de toepassing
Voor gebruik in zeewater of andere hoogwaardige toepassingen is echter een verbinding door vulkanisering noodzakelijk
Standaard materiaal:
NBR
NBR is het meest gebruikte materiaal voor O-ringen wegens de goede mechanische eigenschappen ervan en bestendigheid tegen smeeroliën- en vetten op basis van minerale olie
Deze eigenschappen worden grotendeels bepaald door het acrylnitril -gehalte (ACN tussen 18% en 50%)
Een laag ACN-gehalte leidt tot een goede flexibiliteit bij koudetemperatuur maar beperkte bestendigheid tegen oliën en motorbrandstoffen; bij een stijgend ACN-gehalte neemt de flexibiliteit bij koudetemperatuur af en de bestendigheid tegen olie en motorbrandstof toe
Het NBR-standaard materiaal van Dichtomatik voor O-ringen heeft een gemiddeld ACN-gehalte waardoor een breed toepassingsgebied afgedekt wordt
Dit materiaal bezit goede mechanisch technologische waarden, bv. een hoge slijtvastheid , laat weinig gas door en is goed bestand tegen smeeroliën- en vetten op basis van minerale olie, hydrauliek oliën H, H-L, H-LP, moeilijk ontvlambare vloeistoffen HFA, HFB, HFC, alifatische koolwaterstoffen, silicone oliën en vetten, water tot ca. 80°C
NBR is over het algemeen niet bestand tegen aromatische en gechloreerde koolwaterstoffen, motorbrandstoffen met een hoog aromatengehalte, polaire oplossingsmiddelen, remvloeistoffen op glycolbasis en de moeilijk ontvlambare vloeistoffen HFD
NBR is minder bestand tegen ozon, weersgesteldheid en veroudering
In verreweg de meeste toepassingen heeft dat echter geen nadelige uitwerking
FKM
FKM-materialen munten uit door hun goede bestendigheid met betrekking tot hoge temperaturen en chemicaliën
Bovendien dient vermeld te worden, dat ze zeer goed bestand zijn tegen veroudering en ozon, weinig gas doorlaten (zeer geschikt voor vacuüm toepassing) en een automatisch blussend brandgedrag vertonen
Het standaard materiaal FKM voor O-ringen is zeer goed bestand tegen minerale oliën en vetten, alifatische, aromatische en gechloreerde koolwaterstoffen, motorbrandstoffen, de moeilijk ontvlambare vloeistoffen HFD en vele organische oplossingsmiddelen en chemicaliën
Naast de standaard materialen FKM zijn diverse speciale compounds verkrijgbaar, die door verschillende samenstelling van de molecuulstructuren en variërende fluorgehaltes (65% tot 71%) uitermate geschikt zijn voor bijzondere toepassingen
FKM is in het algemeen niet bestand tegen heet water, waterdamp, polaire oplossingsmiddelen, remvloeistoffen op glycolbasis en laagmoleculaire organische zuren
EPDM
EPDM-materialen zijn in de regel goed bestand tegen heet water, waterdamp, veroudering en chemicaliën en maken vele thermische toepassingen mogelijk
Zij worden onderverdeeld in met zwavel en peroxide gevulkaniseerde typen, waarbij de peroxide mengsels thermisch hoger belast kunnen worden en een duidelijk geringere vervormingsrest vertonen
EPDM is goed bestand tegen heet water en waterdamp, wasmiddel-, natron- en kalilogen, silicone oliën en vetten, vele polaire oplossingsmiddelen, vele verdunde zuren en chemicaliën
Bij remvloeistoffen op glycolbasis moeten speciale compounds worden toegepast
EPDM-materialen zijn absoluut niet bestand tegen producten op basis van minerale olie (smeeroliën, motorbrandstoffen)
Toegestane temperaturen liggen tussen -45°C tot +130°C (-50°C tot +150°C bij peroxide mengsels)
VMQ
Silicone compounds munten uit door hun grote thermische toepassingsmogelijkheden en de eigenschap dat ze zeer goed bestand zijn tegen ozon, weersgesteldheid en veroudering
De mechanische eigenschappen van silicone zijn in vergelijking met andere elastomeren minder goed
In het algemeen zijn silicone materialen niet schadelijk, d.w.z zij worden o.a. toegepast in de voedingsmiddelen- en medische industrie
Het standaard silicone materiaal kan worden toegepast bij temperaturen van -55°C tot +200°C en is bestand tegen water (tot 100°C), alifatische motor- en cardanoliën, dierlijke en plantaardige oliën en vetten
Silicone is in het algemeen niet bestand tegen motorbrandstoffen, aromatische minerale oliën, waterdamp ( kortstondig tot 120°C mogelijk), silicone oliën en vetten, zuren en alkaliën
Montage:
Bij de montage dient elke vorm van beschadiging van de O-ring te worden vermeden, omdat zich anders lekkages kunnen voordoen
Bovendien dient men de volgende adviezen in acht te nemen:
De O-ring mag niet tot aan de rekgrens worden uitgerekt
De kanten moeten braamvrij zijn, ronde gedeelten en schuine kanten moeten naadloos worden aangebracht
Stof, vuil, metalen splinters en andere deeltjes moeten worden verwijderd
Scherpe punten van de schroefdraad en inbouwruimten voor andere afdichtingen en geleidingselementen dienen met behulp van een montagehuls te worden bedekt
Montageoppervlakten en O-ringen dienen van een geschikt vet te worden voorzien
Het verwarmen in olie of heet water tot ca. 80°C maakt elastomeren buigzamer. De O-ring kan daardoor gemakkelijker opgerekt worden voor de montage
Eventueel montagegereedschap zoals montagedoornen- of hulzen dienen uit zacht materiaal (bijvoorbeeld POM) te bestaan en geen scherpe kanten te hebben
De O-ring mag niet over de montageoppervlaktes worden gerold. Bij het monteren in de groef mag de O-ring niet verdraaien
Productie van verlijmde RSR rondsnoerringen:
Standaard worden de vooraf op lengte gemaakte rondsnoeren verbonden met een cyaanacrylaat-lijm (bijvoorbeeld Loctite 406)
De toegestane temperatuugrens ligt bij ca. 80 °C
Bij EPDM-, VMQ- en FKM-rondsnoeren dient eventueel een speciale extra primer (bijvoorbeeld Loctite 770)te worden gebruikt
Let vooral goed op de productinformatie en veiligheidsinstructies van de producenten
Voor het verlijmen dienenbeide einden met fijn schuurpapaier ruw te maken en met een geschikt schoonmaakmidddel (bijvoorbeeld Aceton) te ontvetten
De beide einden dienen zonder spanning te worden verlijmd
Aansluitend dient te worden gecontroleerd, of de gelijmde plek volledig droog is
De verlijmde rondsnoerring mag niet over de plek worden opgerekt, waar het rondsnoer aan elkaar is gelijmd danwel is gevulkaniseerd
De op deze manier ontstane verbinding is duidelijk minder elastisch dan het rondsnoer zelf
Montagevoorschriften:
Bij de montage moet elke beschadiging van het rondsnoer worden voorkomen, omdat er anders lekkages kunnen optreden
Let u bovendien op de volgende instructies:
De verlijmde rondsnoerring mag niet over de verbinding van de einden worden opgerekt en het resterende deel van de rondsnoerring mag niet tot aan de rekgrens worden opgerekt
Afkantingen moeten braambrij zijn, radiussen en schuine kanten dienen naadloos te worden aangebracht
Stof, vuil, metalen en andere deeltjes dienen te worden verwijderd
Schroefdraad en inbouwruimten voor andere dicht- en geleidingselementen dienen te worden bedekt met montagehulzen
Montageoppervlakten en het rondsnoer zelf dienen te worden voorzien van een geschikt vet
Het verwarmen in olie of heet water tot ca. 80 °C maakt elastomerenelastischer
Eventueel kun u gebruiken maken van montagegereedschap. Dit gereedschap dient te bestaan uit zacht materiaal (bijvoorbeeld POM) en geen scherpe kanten te bevatten
Het rondsnoer of de rondsnoerring mogen niet over de montageoppervlakten worden gerold. Bij insnappen in de groef mag de rondsnoerring niet draaien in de groef